|
Deze jongeren werden geworven via
een banner op MSN. Na een half jaar werden ze opgeroepen nog een
keer mee te doen. Uiteindelijk deden 512 jongeren 2 keer mee.
Inhoud;
1 Niet representatief
2 Oorzaak – gevolg relatie
3 Internetverslaving
4 Kan (te) veel
internetten kwaad? Ja!
5 Opleidingsniveau
6 De rol van de ouders
7 Tot slot
1 Niet
representatief
Voordat we de resultaten bespreken een kleine waarschuwing
vooraf: dit onderzoek is niet representatief voor alle
Nederlandse jongeren. Door via MSN te werven vullen uiteraard
alleen jongeren die MSN-nen de enquete in. Na een half jaar deed
lang niet iedereen meer mee aan de enquête (35%). Je mag
veronderstellen dat vooral de ‘die-hards’ nog een keer mee
deden.
Verder valt op dat vooral meisjes (68%) de enquête twee keer
invulden (eerste keer waren er ook meer meisjes die meededen).
De invullers waren ook hoger opgeleid dan gemiddeld (43% VWO-ers).
Het IVO is wel bezig met een representatief onderzoek. De
resultaten daarvan worden 15 juni 2006 bekend.
Top<<
2
Oorzaak – gevolg relatie
Het goede nieuws is dat dit onderzoek meer inzicht biedt in
oorzaken en gevolgen. Zo was al bekend dat mensen die veel
achter de computer zitten depressiever zijn dan mensen die
minder computeren, maar niet bekend was of mensen die depressief
zijn lekker gaan computeren of dat mensen die lekker computeren
daarvan depressief (of depressiever) worden.
Door de enquête twee keer af te nemen met een tussenperiode van
een half jaar is dit met meer zekerheid vast te stellen.
Hoeveel tijd zitten de jongeren achter de
computer?
Deelnemers aan het onderzoek zitten heel wat tijd achter de
computer: jongens zeggen 17 uur te internetten, meisjes 13 uur.
Zowel jongens als meisjes MSN-en daarvan 8 uur. De rest van de
tijd zitten ze te e-mailen, gamen, downloaden en googelen.
Top<<
3
Internetverslaving
Sommige jongeren zijn verslaafd aan internetten. Ze kunnen
moeilijk met internetten stoppen, raken geïrriteerd als ze niet
op internet kunnen zijn, en zijn in gedachten ook met internet
bezig als ze niet online zijn. Bij deze jongeren gaat het
internetten ten kosten van andere belangrijke zaken zoals
contacten binnen het gezin en de vriendenkring, sport of school.
Uit ander onderzoek blijkt dat 5 á 10% van de jongeren
internetverslaafd is (of in vakjargon last heeft van
compulsief internetgebruik). Ze zitten gemiddeld 29 uur
achter de computer. Niet-verslaafden zitten zo’n 9 uur achter de
computer. De gemiddelde deelnemer aan het onderzoek van mevrouw
van den Eijnden is met een gemiddelde van 14 á 15 uur dus niet
verslaafd maar wel een ‘heavy user’.
Top<<
4 Kan (te) veel
internetten kwaad? Ja!
Mevrouw Van den Eijnden heeft onderzocht of veel internetten
gevolgen heeft. Het onderzoek laat zien dat er een relatie is
tussen (te) veel internetten en een toename in depressieve
gevoelens een half jaar later.
Ook blijkt uit het onderzoek dat er een relatie is tussen (te)
veel internetten en slechtere schoolprestaties een half jaar
later.
Top<<
5 Opleidingsniveau
Uit dit onderzoek komt naar voren dat jongeren met een lager
schoolniveau vaker verslaafd zijn aan internetten dan jongeren
met een hoger schoolniveau.
Top<<
6 De
rol van de ouders
Mevrouw Van den Eijnden heeft aan de jongeren gevraagd hoe hun
ouders zich opstellen tegenover het internetten.
Een onverwacht resultaat was dat als ouders streng de hand
houden aan hoe vaak en hoe lang er geïnternet mag worden, de
jongeren een grotere kans hebben om verslaafd te zijn aan
internet.
Maar hiervan is niet vast te stellen wat oorzaak en wat gevolg
is. Het zou kunnen zijn dat ouders merken dat hun kinderen in de
problemen komen doordat ze teveel internetten en vervolgens
strenge regels gaan stellen.
Uit het onderzoek komen factoren naar voren die wel lijken te
helpen:
-
Jongeren die goed met hun
ouders kunnen praten over internetten lijken minder kans te
maken op een internetverslaving. Jongeren met een hogere
opleiding geven aan dit beter te kunnen dan jongeren met een
lagere opleiding.
-
Jongeren die ouders hebben die
het niet goed vinden als er hele (weekend)dagen wordt
geinternet maken ook minder kans op een internetverslaving
(ouders van jongeren met een hogere opleiding vinden dat
minder vaak goed dat ouders van jongeren met een lagere
opleiding)
-
Jongeren die ouders hebben die
duidelijke regels stellen over de sites die bezocht mogen
worden lijken ook minder kans te hebben op een
internetverslaving.
Samengevat lijken jongeren die
ouders hebben die redelijk op de hoogte zijn van het internet en
daarover goed kunnen praten zonder dat de ouders gaan preken,
minder kans te hebben op een internetverslaving.
Hoe zorg ik ervoor dat mijn kind niet
verslaafd raakt aan internet?
Uit dit onderzoek komen de volgende aanbevelingen naar voren:
-
praat op een goede manier met
uw kind over internet. Probeer uw kind te begrijpen en ga
niet ‘preken’.
-
Praat met uw kind over wat
goede sites en slechte sites zijn en maak gezamenlijk
afspraken over welke sites uw kind beter niet kan bezoeken.
-
Praat over wanneer en hoe lang
op internet. Laat merken dat u het niet prettig vindt als uw
kind dag en nacht on line is maar stel daarin niet te
strenge regels (b.v. dat uw kind van 13 – 15 jaar maar een
half uur per dag mag internetten).
Top<<
7 Tot slot
Zoals gezegd is dit onderzoek niet representatief voor alle
jongeren in Nederland. De conclusies geven een richting aan,
maar dienen in de toekomst verder genuanceerd te worden. Wel
komen de conclusies overeen met andere onderzoeken naar
verslavingen. Voor veel soorten verslavingen geldt dat 5 á 10%
van de jongeren er problemen mee heeft, dat lager opgeleide
jongeren een groter risico lopen dan hoger opgeleide jongeren en
dat open er over praten wel helpt en preken niet.
Top<<
Met dank aan dr. R. van den Eijnden van het IVO.
IVO
Op deze site is onder 'IVO en de media' de factsheet 'Compulsief
internetgebruik ("Internetverslaving") bij jongeren: Wat zijn de
gevolgen en wat kunnen ouders doen om het te voorkómen?' te
vinden.
|